Begeleidt bestuurlijke en management teams, ook in complexe situaties, gepromoveerd op psychologische veiligheid, spreker over dit onderwerp.
Eenzijdige prestatiefocus resulteert door statusangst in minder psychologische veiligheid. En leidt tot mínder resultaat.
Statusangst
De kwellende gedachte dat we onze sociale status dreigen te verliezen heeft Alain de Botton statusangst genoemd. En statusangst houdt ons allemaal bezig, bewust of onbewust. Want we zijn allemaal bang om ons aanzien en prestige te verliezen, binnen de sociale groepen waarin we verkeren. En waaraan we ons spiegelen. Bang zelfs om zover te duikelen dat we buiten de boot vallen en er ‘niet meer bij horen’. Statusangst is een hele sterke menselijke drijfveer. En het is bijzonder dat we dit weinig benoemen. En al helemaal niet in de werksetting. Terwijl het op alle niveaus op het werk speelt.
Eenzijdige focus op prestaties bevordert statusangst en leidt tot minder prestaties
Hoe werkt dat? En hoe leidt statusangst juist weer tot minder prestaties, de prestatieparadox?
- Een eenzijdige focus op prestaties maakt ons onzeker. Zijn we goed genoeg? Het bevordert onze statusangst. En dat belemmert de psychologische veiligheid weer. Het is de reden waarom we snel onze mond houden, vooral als wij tegen anderen opkijken of als zij hiërarchisch boven ons staan. Het is de grondslag van waarom het zo moeilijk is om met elkaar een psychologisch veilige werkomgeving te creëren. Want angst voor statusverlies voorkomt vaak dat we samen een omgeving creëren waarin we ons durven te uiten, onze identiteit durven te tonen of durven toe te geven dat we het ook even niet weten. Een omgeving waarin we vervolgens elkaar gaan helpen en van elkaar gaan leren. We willen immers allemaal voorkomen dat anderen een lage dunk van ons krijgen. En dat gebrek aan psychologische veiligheid leidt tot minder prestaties, blijkt uit tal van wetenschappelijk onderzoek (ook het mijne, zie www.psychologischeveiligheid.nl).
- Een eenzijdige focus op presteren maakt mensen bang om fouten te maken. Een fout heeft bij een sterke focus op prestaties immers een lagere status tot gevolg. Het wakkert perfectionisme aan. En het risico van perfectionisme is uitstelgedrag. En uitstelgedrag is weer niet goed voor de prestaties. Statusangst maakt ook dat mensen fouten ‘onder de pet’ houden. De fouten kunnen zich herhalen, er wordt niet geleerd en het beïnvloedt de prestaties negatief.
- Een eenzijdige focus op presteren staat ook innoveren in de weg. Innovaties gaan gepaard met experimenten. En deze kunnen leiden tot falen. Als presteren de norm is, staat falen gelijk aan persoonlijk falen. Dus brengt innoveren het risico van statusangst met zich mee. Het persoonlijk falen vermindert onze sociale status. En dat willen we voorkomen, zeker als er dan geen ruimte is om ‘slim’ te falen (het falen te zien als onderdeel van het innovatieproces, om ervan te leren). De innovaties stokken, met minder groei en succes op de langere termijn.
- Een eenzijdige focus op presteren richt zich vaak op het individuele niveau. Als persoonlijke prestaties de norm zijn, komen sterk competitieve mensen bovendrijven en stellen zij de norm. Samenwerken delft dan het onderspit. En mensen die willen samenwerken verliezen hun sociale status: hét recept om van een goed lopende organisatie langzaam maar zeker een zinkend schip te maken.
Echter, laat een eenzijdige focus op prestaties nu juist veel voorkomen in organisaties. Presteren is de norm en alles wat daar even van afwijkt wordt als suboptimaal beschouwd. Maar hoe moet het dan wel? Presteren is wel belangrijk. We kunnen niet doen alsof het er niet toe doet. Hoe kunnen we er dan voor zorgen dat mensen minder bang hoeven te zijn om hun sociale status te verliezen?
Het gaat om leiderschap.
Leiderschap dat gericht is op implementatie van 6 punten:
- Zorg voor een evenwicht tussen presteren, leren en experimenteren. Deze mix vermindert de statusangst en is de basis voor optimaal succes, nu en in de toekomst.
- Vertel in alle interne communicatiekanalen dat het nodig is dat mensen zich uitspreken. Dat dat een voorwaarde is voor goede prestaties. Dat een psychologisch veilige werkomgeving wordt nagestreefd. En handel hier ook naar, vooral vanuit het topmanagement: nodig mensen uit om hun mening te geven, laat zien dat jij alleen de wijsheid niet in pacht hebt. En waardeer het als mensen het ook gaan doen: als zij zich gaan uitspreken.
- Maak statusangst bespreekbaar. Gedeelde smart is halve smart, die uitdrukking is er niet voor niets. Statusangst bespreken en dan merken dat vrijwel iedereen er last van heeft helpt enorm. Minder angst zorgt eveneens voor meer psychologische veiligheid; mensen gaan zich meer uitspreken. En het zorgt eveneens voor meer werkgeluk.
- Benadruk de realiteit van menselijke fouten. Overal waar gewerkt wordt, worden fouten gemaakt. Het is menselijk. Hoe sneller ze worden opgemerkt, hoe beter het voor de organisatie is. Prijs mensen die fouten melden.
- Vraag bij een fout of mislukking altijd, ‘wat is er gebeurd’ in plaats van ‘wie heeft het gedaan’? Maak van de analyse van wat er aan de hand is een teamsport. Verschillende perspectieven op wat heeft geleid tot de fout of mislukking verrijken het begrip van (de veelzijdige aard van) wat er gebeurd is en geven een goede basis om ervan te leren.
- Spreek mensen aan die anderen beschimpen, die statusangst bij anderen veroorzaken. Die de psychologische veiligheid negatief beïnvloeden. Stel de norm en duld geen overschrijdingen.
Voorkomen is beter dan genezen
Prestaties zijn een belangrijk bestaansecht van organisaties. Maar om succes te blijven behouden zijn psychologische veiligheid, innoveren, fouten durven maken en samenwerken cruciaal. Een eenzijdige focus op prestaties voorkomt dit allemaal. Want het zorgt ervoor dat mensen statusangst ervaren. Angst waardoor zij hun mond houden en de veilige kant kiezen.
Goed en afgewogen leiderschap is ‘the key’. Zo kan de prestatieparadox worden voorkomen. Door niet alleen de focus op presteren te hebben, bevorderen goede leiders juist de prestaties van de organisatie.